Uitgelicht:
Advertentie:

Column

Spliertjes 
Vroeger, in een tijdperk ver voor Nintendo’s en smartphones, vermaakten mijn zus en ik ons in gevallen van verveling met het kijken door de spliertjes van onze ogen: we knepen onze ogen net niet helemaal dicht en tuurden door onze wimpers. Geconcentreerd bestudeerden we wat we om ons heen zagen en vertelden dat aan elkaar op onze geheel eigen wijze. Het woord spliertjes hadden we natuurlijk zelf gemaakt van spleetjes en kiertjes, maar dat realiseerden we ons pas toen onze vriendinnetjes het niet bleken te kennen.

"Voor deze column tuur ik net als vroeger weer door de spliertjes van mijn ogen en vertel over alles wat ik zie."


In the eye of the beholder

1-9-2015


“Ut gaat al su lang slecht: it mut hast ok weer es goed gaan”.( vertaling uit het Sneekers: Het gaat al zo lang slecht: het moet haast ook weer eens goed gaan) Dit optimistische credo wordt al sinds jaar en dag gebezigd door een oude vriend van de Spliertjes. Als het allemaal even niet meezit moeten we tenminste toch altijd wel even lachen om dit gezegde. En hoewel simpel en met een hoog “waarheid als een koe” gehalte: het is natuurlijk zo. Het leven is een afwisseling van mee- en tegenvallers. En niet als Facebook: een aaneenschakeling van hoogtepunten en mooie momenten, omringd door lachende vrienden.

Waarmee ik niet wil zeggen dat je alles maar gelaten over je heen moet komen. De manier waarop je het leven tegemoet treedt maakt heel veel uit. In het Engels zeggen ze dan:” It’s all in the eye of the beholder”. Wat zoveel wil zeggen als: het is maar hoe je het bekijkt. Het maakt veel uit hoe je tegen iets aankijkt. 

Voor de brugpiepers die deze weken de scholen voor voortgezet onderwijs voor het eerst betreden is dat een nieuwe wereld propvol indrukken die op hen over kan komen als een chaos zonder begin of einde. De vijfdeklasser haalt in de zelfde omgeving zijn schouders niet eens op. De omgeving is allang gewoon geworden en de do en don’ts van zijn leventje op school zijn bekend.

Bij situaties waar je al jarenlang inzit kan het een enorme verandering geven om anders tegen de dingen aan te gaan kijken. Zo hoorde ik laatst van een groepje collega’s die afspraken om het gezelliger te maken. En toen? Werd het ook echt gezelliger… want iemand nam de moeite om de radio eindelijk eens op een andere zender af te stemmen en soms zongen ze lekker even mee met een bekend versje. De simpele beslissing had iets losgemaakt, vastgeroeste instellingen een beetje losgewrikt waardoor de sfeer echt verbeterde.

Ook de kennismaking met nieuwe mensen kan een nieuw gezichtspunt bieden. Onverwacht blijkt iemand met hetzelfde probleem rond te lopen. Ook heel verhelderend dat die hele stoere vrouw waarvan jij denkt dat ze alles durft ook onzeker blijkt te zijn over bepaalde dingen.

Hoe komt Spliertje toch op deze overpeinzingen. Het komt allemaal door twee sollicitatiegesprekken die ze het afgelopen half jaar voerde.

Het eerste gesprek mocht eigenlijk de naam gesprek niet dragen: de mevrouw tegenover Spliertje had een lijstje waarop ze afvinkte wat Spliertje wel en niet kon, ze vond het zelfs niet eens nodig zichzelf voor te stellen. En sprak op de telefoonbeantwoorder in wat Spliertje al het hele gesprek gevoeld had: ik kan je niet gebruiken.

Vorige week was het de omgekeerde wereld in sollicitatieland. Spliertje had een superleuk sollicitatiegesprek waarin zelfs haar hobby’s nog goed van pas bleken te komen. Een enorme boost voor haar zelfvertrouwen. Vooral ook omdat het ging om werk wat Spliertje het liefste doet: schrijven. Spliertje loopt eigenlijk nog steeds met vrolijke vleugeltjes.

Wat is het belangrijk om zo nu en dan wat waardering te krijgen. Je bloeit er van op. En wat is het belangrijk om je waardering voor een ander zo nu en dan uit te spreken. Een gratis cadeautje van onschatbare waarde.

Minimalisme

1-5-2015


Opeens lijkt iedereen er mee bezig te zijn: opruimen en wegdoen van spullen. De kranten schrijven erover en op Facebook discussiëren grote groepen vrouwen er hartstochtelijk over. Het lijkt op een besmettelijke voorjaarsschoonmaak, waarbij uiteenlopende methodes worden aangeraden om van de overtollige spullen af te komen.

Mensen geven verschillende redenen aan waarom ze beginnen met rigoureus opruimen oftewel minimaliseren. Omdat de planken van de kledingkast het begaven , omdat men nooit wat kan vinden, het dan maar nieuw koopt en zo weer meer spullen krijgt, omdat het een fijn gevoel geeft. Ruimte in huis geeft rust in het hoofd.

Het lijkt een internationaal verschijnsel. Laatst hoorde ik van een kennis dat een familielid in Noorwegen, een jonge man, een vrijwel lege flat had. Bezit was voor hem totaal niet belangrijk. Het was niet zo dat hij geen geld had. Zo gaf hij bijvoorbeeld relatief veel geld uit aan gezonde voeding, want dat vond hij dan wel weer heel belangrijk.

De manier van opruimen is cultuurafhankelijk. De Japanse Marie Kondo heeft een heel eigen opruimmethode. Het komt er op neer dat alles wat geen “joy sparks” simpelweg in de afvalbak kan. Duurzaamheid is geen issue.

Nederlanders gaan anders te werk. Iets wat stuk is en niet meer gemaakt kan worden gooien we zonder problemen weg. Maar voor alle andere dingen proberen we toch een nieuwe bestemming te vinden. Weggooien is zonde zit er hier bij veel mensen blijkbaar diep in. Plus een steeds meer oprukkend bewustzijn dat we niet zomaar kunnen doorgaan met klakkeloos afval produceren omdat er simpelweg maar een aardbol is.

De verschillende opruimgoeroes benadrukken eigenlijk allemaal het belang van daadkracht. Staat er een vuilniszak met kleding klaar voor de textielbak? Gooi de zak er meteen in! Staan er spullen voor de milieustraat  in je schuur? Rijd erheen en lever ze in!

In de verschillende boeken, blogs en facebookgroepen lees je steeds weer hoe moeilijk opruimen is. Het lijkt wel of spullen aan je vastkleven met een emotionele lijm. En die kleefkracht kan het opruimproces ernstig vertragen. Voor je het weet zit je oude fotoboeken te bekijken in plaats van flink door te pakken.

Het minimaliseren gaat vaak samen met het ontstaan van een ander koopgedrag. Consuminderen in plaats van consumeren. Het is natuurlijk zonde om na een geslaagde opruimactie de ruimtes in je huis in een mum van tijd weer vol te zien stromen, dus….. bedenken mensen zich in de winkel eerst nog eens. Heb ik dit nodig? Heb ik er plaats voor? Of realiseren ze zich: dit product heb ik onlangs tijdens een opruimsessie teruggevonden, dus ik hoef het niet meer te kopen!

Ook in huize Spliertje vond onlangs een minimaliseerproject plaats. Omdat de vloer geschuurd moest worden, moest de huiskamer van de Spliertjes leeg. En zo begon Spliertje ruim voor de vakman voor de vloer arriveerde met opruimen. Laatje voor laatje, plank voor plank. iedere dag iets, het nam ruim twee weken in beslag. Er was zodoende aardig geminimaliseerd, maar toen de vloer klaar was en alle meubels terug mochten vond er nog een twee ronde plaats. Dat mooie ruime van toen de kamer helemaal ontruimd was wilde Spliertje graag behouden. Eén kast keerde niet terug in de kamer….. en bleek hier ook niet meer nodig te zijn.

Vaak verhuizen schijnt een erg goed middel te zijn om te minimaliseren. (Veel mensen beginnen er ook mee als ze zich bij verhuizing 2 realiseren dat er bij verhuizing 1 dozen op zolder zijn gezet die nooit geopend en ook nooit gemist zijn) Maar voor wie net als wij al tientallen jaren in het zelfde huis woont werkt het schuren van de vloer ook heel goed!